NL | FR
Contact     .be
Logo

Kwantificatie

  1. De meesten (inclusief de werknemers) willen harde cijfers om de problemen te identificeren. Er is dan een tweede methode nodig. Is dat niet wat veel ? 
  2. Het is onontbeerlijk over een becijferde risicoanalyse te beschikken om de prioriteiten vast te leggen. 
  3. Kan men tegelijk de Opsporing doen met de Déparis-gids en meer specifieke analyses over geluid, gevaarlijke chemische producten of stress ?
    Kan men de Déparis-gids combineren met metingen ?
    Kan men via de Déparis-gids van de Opsporing niet rechtstreeks overgaan op de Analyse door een PA ?
  4. Kan men de Opsporing niet intern doen met de Déparis-gids en voor de metingen en de uit te diepen punten, een beroep doen op de EDPB ? 

5. De meesten (inclusief de werknemers) willen harde cijfers om de problemen te identificeren. Er is dan een tweede methode nodig. Is dat niet wat veel ?

Het is waar, men wil dikwijls harde cijfers.

In bepaalde gevallen (lawaai, vervuiling, …) zijn deze cijfers wenselijk om de overschrijding van wettelijke limieten te identificeren (zie het basisprincipe: Legalistische of wettelijke visie vs. Preventieve visie in sectie 2.6 van het SOBANE-document). In de meeste gevallen worden ze evenwel gevraagd … uit gewoonte (zie sectie 2.5 “Preventie vs. evaluatie van de risico’s).

Deze cijfers zijn vaak duur en weinig valabel: bijvoorbeeld, een specialist heeft met een duur toestel het geluidsniveau in een atelier gemeten op 88.3 dB(A) tijdens zijn bezoek op dinsdag 16 mei om 15.30 uur. Kost van het verslag: 150 EUR. Is dit (zeer precieze) niveau echt representatief voor wat er op andere ogenblikken, op andere dagen gebeurt? En geeft zelfs een dagelijks blootstellingsniveau van werknemer X dat gedurende 8 uren per dosimeter wordt gemeten enige indicatie over wat er moet gebeuren om dit geluid te verminderen?

Met de SOBANE-strategie zullen de rechtstreeks betrokken personen tijdens een Déparis-vergadering trachten zich te organiseren om het geluid tijdens het werk te verminderen door na te denken over de werkruimten, gereedschap, houding, verdeling van het werk, …

Op het niveau Observatie zullen ze hun discussie eventueel uitdiepen door te kijken naar specifieke punten zoals luchtstralen, schokeffecten, kappen, …

Vervolgens komt een PA het geluid meten, maar in degelijk gedefinieerde omstandigheden en met een specifiek doel. Op dat ogenblik zal men over cijfers beschikken indien dat werkelijk de moeite loont, in omstandigheden die veel representatiever zijn en betrekking hebben op het overblijvende risico.

In FAQ1 bespraken we de plaats die een kwantificatie-instrument zoals de “Kinney-methode” kan innemen.

6. Het is onontbeerlijk over een becijferde risicoanalyse te beschikken om de prioriteiten vast te leggen.

Over dit punt kan gediscussieerd worden. Moet men eigenlijk de prioritaire risico’s (de hoogste) kennen of de prioritaire preventieacties? Het risico om van een ladder te vallen tijdens het werk (Kinney = 160 want B = 4, P = 5 en E = 8) of weten dat alle betrokken personen tijdens een Déparis-vergadering van mening zijn dat de plaats van de verschillende werken snel moet worden herzien?

Bovendien is geweten (zie FAQ5) dat de berekende ramingen van de risico’s nauwelijks en zelfs helemaal geen waarde hebben indien ze niet worden gedaan MET de betrokkenen en door middel van een gids waarin hun aandacht wordt gevestigd op alle componenten van hun leven op het werk. Een participatieve opsporing van de risico’s is onontbeerlijk vóór elke kwantitatieve evaluatie: dat is wat Déparis te bieden heeft.

7. Kan men tegelijk de Opsporing doen met de Déparis-gids en meer specifieke analyses over geluid, gevaarlijke chemische producten of stress? Kan men de Déparis-gids combineren met metingen?

Kan men via de Déparis-gids van de Opsporing niet rechtstreeks overgaan op de Analyse door een PA?
In het geval van geluid of chemische producten is dit niet aanbevolen. Bij stress zou het een vergissing zijn (behalve in geval van een specifiek probleem: zie FAQ4).

De Déparis-vergadering en het niveau Observatie brengen informatie – en oplossingen – aan die de specialist zeer moeilijk op een andere manier zou kunnen vergaren. Bij stress, die te wijten is aan alles en niets in het bijzonder, is dit a fortiori waar.

De SOBANE-strategie stelt voor de problemen niet langer één voor één op te lossen, maar systematisch te werken en te profiteren van de kennis aan de basis en deze uit te breiden met behulp van specialisten wanneer dit echt nodig wordt.

8. Kan men de Opsporing niet intern doen met de Déparis-gids en voor de metingen en de uit te diepen punten, een beroep doen op de EDPB

Dat is wat er meestal gebeurt en de PA van de EDPB kan dan vertrekken vanuit een basis die heel wat solider is dan wanneer er geen Déparis-vergadering was geweest om alle aspecten van de arbeidssituatie te bekijken.

Alvorens de meetinstrumenten en geavanceerde analysetechnieken boven te halen, is het evenwel wenselijk dat hij de groep uitnodigt om zich meer specifiek te buigen over de nog hangende problemen: dat is het Observatieniveau.

De SOBANE-strategie gaat er eveneens van uit dat de specialist van de EDPB zich ten dienste stelt van de werkgroep die de Déparis-vergadering heeft gehouden en niet van nul begint en autonoom te werk gaat door het probleem “op zich te nemen”.

 

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy